Bezoek aan Château de Flaugerges

Het leven kan snel gaan. Een kleine twee jaar geleden volgde ik via Wijninzicht de WSET 2 cursus, en eind vorig jaar slaagde ik in het WSET 3 examen. Eens je die pin mag opspelden mag je je aansluiten bij de Vlaamse Vereniging voor Sommeliers (VVS). En zo komt het dat ik samen met een vrolijke bende wijngepassioneerden eind maart een week de Languedoc mocht verkennen. Eerste halte was Château de Flaugerges in Montpellier.

Wat opvalt is dat dit niet alleen een wijnchateau is, maar ook een écht kasteel is met bijhorend restaurant. Het behoort toe aan de familie de Colbert, een naam die belletjes doet rinkelen bij wie vertrouwd is met glorieperioden uit de Franse geschiedenis.  Jean-Baptiste Colbert was immers, als minister van financiën, dé man die de capriolen van Louis XIV wist de financieren. Colbert was ook de man die het Canal du Midi heeft laten uitgraven zodat de Fransen van de Middellandse zee naar de Atlantische oceaan konden varen zonder dat ze hiervoor ‘vriendjes’ met de Spanjaarden moesten zijn. Ook vandaag  is dit kanaal nog steeds een economische ader voor de Languedoc. Het lokt elk jaar tienduizenden toeristen.

Leuk dat we in het prachtige restaurant ‘Le Folia’ worden ontvangen door Graaf Pierre de Colbert, zaalmeester en ‘vigneron’ van de 10de generatie. Na de lunch en een leerrijke rondleiding door het kasteel, werden we door hem (op sneakers!) rondgeleid doorheen de wijngaarden en de wijnkelders.

Pierre runt het kasteel sinds 2002 samen met 25 medewerkers en een prettig gestoorde ‘winery dog’. Het wordt snel duidelijk dat hij fier is om, na 8 jaar administratief getouwtrek, eindelijk zijn droom waar te maken en een moderne wijnmakerij te bouwen. Je hoeft hier niet altijd 6 regeringen voor nodig te hebben😊 Met financiële steun van bankiers en de EU (voor de procestechnologie) kan hij sinds 2016 wijnen maken zoals hij dat wilt. De installatie past in zijn filosofie om “ISO 14001” gecertifieerd te zijn. Hij vindt dat dit internationaal erkend milieumanagementsysteem verder gaat dan heel wat bio-gecertifieerde wijnboeren. Audit-gewijs is hij verplicht elk jaar zijn impact op het milieu en het welzijn van de medewerkers te evalueren. Tijdens de bouw van zijn wijnkelder heeft hij daarom gekozen voor gevels en een dak uit Belgisch cellenbeton; zodat er geen actieve koeling nodig is. Recent heeft hij het waterverbruik geoptimaliseerd en gekozen om de flessen en kartonnen dozen milieubewuster lokaal aan te kopen.

Een (micro)klimaatzone bepaalt het terroir, ‘Grès de Montpellier’ genaamd.

Typerend is de wind afkomstig van de zee, die maar 6 km verderop ligt. Daarnaast wordt de ondergrond gekenmerkt door grote gele ronde keien die door de Rhône werden afgezet in een tijd dat “de dieren nog spraken”. Dit alles wordt lokaal ‘La Mejanelle’ genoemd. Op de vraag waarom we La Mejanelle nog nooit op de flessen zijn tegenkomen antwoordde hij dat de mens ook essentieel deel uitmaakt van het terroir. De oprukkende verstedelijking van Montpellier  is de oorzaak dat er weinig wijnboeren in de regio actief zijn. Daarom ziet hij meer heil in etiketten met ‘Grès de Montpellier’. 

Qua cépages verwent de Languedoc ons met tientallen varianten. De traditionele rode GSM sterkhouders -Grenache, Syrah en Mouvèdre- worden aangevuld met Cinsault, Merlot en de lokale Marselan. In wit vinden we Viognier, Muscat Petit Grain (echter buiten de AOC) en Vermentino. Recent plantte hij nog enkele hectaren Grenache Blanc, Rousanne en Moursanne. Hiermee antwoordt hij op de markt die vraagt naar fruitige aromatische witte easy drinking wijnen.

In de cave wordt er enkel gewerkt met cilindervormige 120 en 160 hectoliter tanks uit inox. De Colbert-telg vindt dat dit het beste compromis is tussen plaatsefficiëntie en wijnkwalitiet. Enkel de Cuvée Colbert rijpt 12 maanden op barrique. Hoewel alle installaties modern zijn, gebeurt de aansturing van het proces bewust manueel en niet computergestuurd. Dit past in zijn filosofie dat hij in de eerste plaats als primaire landbewerker moet zorgen voor gezond fruit. De technologie mag enkel dienen om van dit fruit kwalitatieve wijn te maken. Te veel technologische trucjes om de wijn te ‘corrigeren’ zijn niet aan hem besteed.

Na al dit gebabbel waren we als sommeliers natuurlijk geïnteresseerd om neus en smaakpapillen aan het werk te zetten.  De Merlot-Marselan van 2018 werd recht uit de inox-cuve getapt. Dieper paars kan een wijn niet gaan. De neus was gemiddeld intens met aroma’s van rijp geplette zoete bramen, violet en cuberdon’kes. In de mond kom je, in het verlengde van de neus, fruitaroma’s tegen aangevuld met wat zoethout, zwarte peper en een hint van groene paprika dat het geheel voldoende spannend houdt. De wijn is laag in tannine en heeft een beperkte zuurtegraad waardoor het een correcte zomerwijn is in de prijsklasse van 6 €, die jong gedronken moet worden.

Het vat ernaast, ditmaal met een GSM-assemblage van 2018, werd ook aangeslagen. Dit piepjong veulen bulkt van het zwarte en rode fruit aangevuld met de mooie kruidigheid van wat garigues en peper. De zuurtegraad is desondanks de hete zomer van 2018 toch medium. Tannine en afdronk zijn medium waardoor ook deze wijn past in de easy-drinking stijl die Pierre voor ogen heeft.

Op fles  proefden we zijn sappige ‘Les Galets’ die jong gedronken een mooi evenwicht biedt tussen fruitigheid en provençaalse kruidigheid. Het vanille van de nieuwe barriques gebruikt in zijn Cuvée Colbert 2015 was in het begin duidelijk aanwezig. Het verdween na walsen (gelukkig) snel naar de achtergrond. Het fruit in deze paarse wijn zit vooral op kersensnoepjes maar door de medium+ zuurtegraad en de kruidigheid zal hij zeker smaken met grillades of lamsvlees. De beperkte tannines maken de wijn toegankelijk voor een breed publiek maar zorgen er voor dat hij zeker jong moeten worden gedronken. Dit past dan ook perfect in het plaatje dat meer dan 80% van de wijnen wordt gedronken binnen de 4 maanden na aankoop.

 

Je proeft echt het verschil tussen kurk of schroefdop op de fles!

Onvergetelijk was een testje met twee flessen rosé. De groep werd verdeeld in twee en de flessen werden blind geschonken. De ene rosé met wat meer intense en garrigue-achtste neus viel bij 5 personen het best in de smaak, de 13 anderen vonden de meer fruitige, frisse en lineaire rosé het prettigste. Toen de aap uit de mouw kwam bleek dat het een identieke rosé was van 2018 die 2 maand geleden was gebotteld. De meest populaire variant was voorzien van schroefdop en de andere van een kurk. Hiermee werd proefondervindelijk aangetoond dat voor deze drink-nu wijnen de schroefdop zorgt voor een beter behoud van fraîcheur. Als wijnboer vindt hij de 5% extra investering voor de schroefdop de moeite waard omdat hij zo de zekerheid heeft dat zijn beoogde stijl ook in het glas van de klant komt. Probleem blijft dat hij ‘de coca-cola dop’ niet goed verkocht krijgt aan zijn eigen con-patriotten. Wij waren alvast overtuigd!

Bedankt Graaf de Colbert. Wij zetten onze ontdekkingstocht doorheen Zuid Frankrijk verder richting Minervois en Corbières.